Aansluiten bij de Leefwereld

Aansluiten bij de leefwereld

Het lijkt een open deur, maar wordt in de praktijk nog te weinig gezien: aansluiten bij de leefwereld van de burger/cliënt is noodzakelijk in hulpverlening.

Ons uitgangspunt is dat iedereen uiteindelijk zelf verantwoordelijk is voor zijn leven en voor haar/zijn proces naar herstel en participatie. Herstel en participatie is voor iedereen verschillend. Herstel betekent bovendien niet per se vrij zijn van klachten of problemen – het is breder dan dat. Het kan bijvoorbeeld ook gaan om zelfontplooiing, het opbouwen van een sociaal netwerk of het vervullen van basale levensbehoeften zoals een veilige omgeving. Herstel is kortom een individueel proces [3] met uitdagingen op persoonlijk-,
sociaal- en maatschappelijk vlak. Dat geldt ook voor participatie; voor sommige betekent dat (vrijwilligers-)werk, voor anderen is dat weer onder de mensen komen. Hulpverleners kunnen iemand bijstaan en helpen, maar uiteindelijk leidt de cliënt zelf zijn leven binnen zijn of haar mogelijkheden.

Beter toerusten van kwetsbare mensen begint door echt persoonlijke hulp [4] te bieden, vastgelegd in een individueel plan op basis van persoonlijke diagnostiek [5]. Daarbij is het eigen verhaal van de
cliënt altijd het uitgangspunt. Via eenvoudige vragen kan dit verhaal op tafel komen:

  • Wat is er met je gebeurd?
  • Wat is je kwetsbaarheid en weerbaarheid?
  • Hoe zie je de toekomst?
  • Waar wil je naar toe?
  • Wat heb je nodig?
  • Waar zie je tegen op?
  • Hoe ziet een goede dag er voor jou uit?

We maken het persoonlijk plan op zijn minst samen met de burger/cliënt en als dat kan maakt de cliënt het zelf – eventueel bijgestaan door een cliëntondersteuner [6]. Het is nooit een lijst met standaardproblemen en voorgeprogrammeerde doelen om af te vinken.

Voorbeelden aansluiten bij de leefwereld

Hieronder enkele voorbeelden ter illustratie en inspiratie:

  • In het korte filmpje hieronder vertelt Lucien Kampijon wat zijn functie van ervaringsdeskundige inhoudt – en wat het voor hem betekent. Hij werkt als ervaringsdeskundige bij het Bureau Ervaringsdeskundigheid Linis/Lentis. Verder vertelt hij over de toepassing van nieuwe technieken/nieuwe media in de zorg.

  • Zie ook dit langere filmpje (22 minuten) waarin Martijn Kole een presentatie geeft over ervaringsdeskundigheid.
  • Een zeer korte omschrijving van presentiebeoefening is de volgende:

    “Een praktijk waarbij de zorggever zich aandachtig en toegewijd op de ander betrekt, zo leert zien wat er bij die ander op het spel staat – van verlangens tot angst – en die in aansluiting daarbij gaat begrijpen wat er in de desbetreffende situatie gedaan zou kunnen worden en wie h/zij daarbij voor de ander kan zijn. Wat gedaan kan worden, wordt dan ook gedaan. Een manier van doen, die slechts verwezenlijkt kan worden met gevoel voor subtiliteit, vakmanschap, met praktische wijsheid en liefdevolle trouw.” Zie website Presentietheorie.

  • In stadsdeel Zuid van de gemeente Amsterdam loopt een project onder de naam “GGz in de Wijk”. De twee hoofdactiviteiten zijn: (1) realiseren van een Herstelwerkplaats; (2) inzet van twee GGZ-coaches.
  • LPGGz heeft een waaier gemaakt over de uitgangspunten voor zelfmanagement en passende zorg.
  • De Toolkit persoonsgerichte zorg van Vilans helpt cliënten/patiënten en eerstelijns zorgverleners om samen te werken aan eerstelijns zorg op maat voor mensen met een chronische ziekte. De tool bestaat uit: (a) een gesprekshandleiding voor eerstelijns zorgverleners , (b) een gesprekshandleiding voor patiënten en (c) een formulier doelen, acties en vervolgstappen.
  • De VNG heeft een Zelftest cliëntondersteuning voor gemeenten opgesteld in samenwerking met cliëntenorganisaties Ieder(in), Landelijke Cliëntenraad, Landelijk Platform GGZ, Koepel van ouderenorganisaties CSO, Landelijk Platform Cliëntenraden MEE en de Koepel Wmo-raden. Met de Zelftest kan een gemeente controleren of de cliëntondersteuning in de gemeente voldoet aan de eisen van de Wmo 2015.
  • Resource group Assertive Community Treatment (RACT) is een nieuwe variant op ACT. Het klassieke ACT-model wordt gecombineerd met zogenaamde Resource Groups. In het RACT-model maken de cliënt en zijn of haar familieleden en naasten onderdeel uit van het ACT-team. De cliënten, familie en naasten worden getraind in manieren om beter te communiceren.

Noten

[3]  “Het begrip ‘herstel’ verwijst naar persoonlijke processen van mensen die proberen om ondanks de vaak desastreuze gevolgen van de aandoening hun leven weer op te pakken.(Over de Brug – Plan van aanpak voor de behandeling, begeleiding en ondersteuning bij ernstige psychische aandoeningen, Kenniscentrum Phrenos, september 2014).

Herstel is een persoonlijk proces van (a) minimaliseren van de effecten van (psychische) problemen door betekenis te geven aan de ervaringen en te leren omgaan met deze problemen; (b) maximaliseren van het persoonlijk welzijn door het ontwikkelen van een positieve identiteit en het opbouwen van betekenisvolle sociale relaties.
Slade, M. (2009) 100 Ways to Support Recovery. Rethink recovery series: volume 1.

[4]  Wij willen de leefwereld van de mens (die de cliënt is) verbinden met de systeemwereld waarin de zorg en ondersteuning (die de
cliënt nodig heeft) is georganiseerd. Zie: notitie Exit OGGz, Exit_OGGz_Bijlage3.

[5]  Van Os, J. (2014) De DSM-5 Voorbij — persoonlijke diagnostiek in een nieuwe GGz. Leusden: Diagnosis Uitgevers.

[6]  Dat is wettelijk geregeld in de Wmo (persoonlijk plan) en Jeugdwet (familiegroepsplan).

>>>GA verder  >>> POORT-2

 

<<<GA  terug   <<< POORT-0

Organisaties bewegen door doen en door denken.