Wat heeft ons denkraam te maken met zelfredzaamheid?

In een brochure over herstelgericht werken in de maatschappelijke opvang (MO) lees ik de volgende uitspraken van enkele bestuurders/managers in de MO:

“Vroeger was er voor opvangorganisaties geen prikkel om mensen met een AWBZ-verblijfsindicatie snel te laten doorstromen. Het is goed dat dit is veranderd. Verbeterde doorstroom en uitstroom zijn directe gevolgen van krachtgericht werken gericht op burgerschap en participeren.”

“De methodische begeleiding heeft geholpen om de professionals zakelijker te maken. Het draait sterker dan vroeger om wederkerigheid. Naast rechten staan plichten en duidelijke afspraken als keerzijde van het serieus nemen van mensen in hun kracht en ambities.”


Deze uitspraken laten doorschemeren dat “eigen kracht”, “krachtgericht werken” en “herstelgericht werken” wellicht als centrale visie op papier staan, maar dat andere overwegingen sterker bepalen wat er in de praktijk gebeurt. Niet de eigen mogelijkheden van een bewoner bepalen wanneer het tijd is voor herstel, maar de boekhouding van een instelling. De eigen kracht van de bewoner zijn het uitgangspunt, maar alleen binnen grenzen en volgens afspraak.

Over de discrepantie tussen (a) wat mensen/organisaties zeggen dat ze doen en (b) wat ze feitelijk doen, heb ik op deze website al vaker geschreven — dat zal ik niet herhalen. Wel wil ik het even hebben over het denkraam (mindset) dat mensen/organisaties hanteren en dat ook bepalend is voor hoe we aankijken tegen de mogelijkheden en herstelkansen van cliënten/bewoners/burgers.

Carol Dweck beschrijft in haar boek Mindsets twee denkramen: het deterministische denkraam (fixed mindset) en het groei-denkraam (growth mindset). Mensen met een deterministisch denkraam
schrijven hun succes en falen toe aan hun bekwaamheid (“Je hebt ’t in je of niet”). Zij hebben meer de neiging om fouten te verhullen,
verantwoordelijkheid te ontkennen, om eerder op te geven bij tegenslag en om anderen de schuld te geven van falen en fouten. Mensen met een groei-denkraam schrijven hun succes en falen daarentegen toe aan (gebrek aan) inzet; zij zien de uitdaging in
ingewikkelde dingen/ taken en gaan door (“Volgende keer beter”) waar mensen met een deterministisch denkraam het niet leuk meer vinden en afhaken. Mensen met een groei-denkraam houden van kritiek, omdat ze er van kunnen leren. Mensen met een deterministische denkraam houden van complimenten (en niet van kritiek, want talent is aangeleerd en ze weten niet wat ze met kritiek zouden moeten).

 

Two Mindsets

 

Een belangrijke notie is dat denkramen zich voortplanten. Het denkraam van iemand kan bepalend zijn voor de ontwikkeling van het denkraam van anderen. Welk denkraam mensen hanteren hangt af van de opvoeding, de situatie en de omgeving. Dweck geeft o.a. het onderwijs en de rol van leraren als voorbeeld. Een leraar met een deterministisch denkraam denkt aan het begin van het jaar te weten welke leerlingen het goed zullen doen en welke slecht. Die voorspelling lijkt een gave, maar is een self fulfilling prophecy. Leraren met een groei-denkraam blijken namelijk in staat om goede
resultaten te boeken met alle leerlingen, zowel de leerlingen die aan het begin van het jaar slecht scoorden, als diegenen die aan het begin van het jaar goed scoorden.

Uitgaan van een groei-denkraam betekent niet dat alles mogelijk is, of dat alles dat veranderd kan worden ook veranderd moet worden. Een deterministisch denkraam is een blokkade voor ontwikkeling; een groei-denkraam is (slechts) een beginpunt van ontwikkeling. In het hoofdstuk over sporters legt Dweck de link tussen karakter en denkraam uit aan de hand van tennisspeler John McEnroe (deterministisch denkraam) versus basketbalspeler Michael Jordan (groei-denkraam). Karakter komt voort uit het denkraam en komt kortgezegd neer op het kunnen omgaan met tegenslag. Mensen met een deterministisch denkraam kunnen dat niet, terwijl mensen met groei-denkraam tegenslag zien als informatief, als een wake-up call, als motivatie om er ‘een tandje erbij te zetten’.

Terug naar eigen kracht en herstelgericht werken. Wat heeft ons denkraam te maken met zelfredzaamheid? Uit het bovenstaande zal duidelijk zijn dat niet alleen het denkraam van de cliënt bepalend is voor de kansen op herstel (de mogelijkheden die we zien tot
zelfredzaamheid), maar dat ook het denkraam van de hulpverleners en directeuren van instellingen medebepalend zijn voor het succes van herstelgericht werken. Het boek van Dweck geeft ook weer hoe je kunt werken aan het veranderen van je denkraam, van deterministisch naar groei. (Overigens doet Carol Dweck door het hele boek ook verslag van haar eigen weg van deterministische denkraam naar groei-denkraam.)

Bron: Dweck, C. S. (2006) Mindset. London: Constable & Robinson Ltd.