Dwalen versus verdwalen

De landkaart wordt in de managementliteratuur vaak als metafoor gebruikt. Twee voorbeelden.

De landkaart als waarheid

In M&C 2013/4 beschrijft Lenneke Aalbers (social innovation consultant) hoe haar inspirator Margareth Wheatley haar inzichten geeft.

“Margaret houdt ons voor dat we in eerste instantie ontkennen dat we verdwaald zijn. We hebben alles onder controle en weten zeker dat onze (land)kaarten nog steeds correct zijn.

Geconfronteerd met vreemde uitzichten sluipt langzamerhand toch de angst er in. We gaan harder lopen, vaak in rondjes, sneller, langer werken om onszelf te verzekeren dat we niet verdwaald zijn. Totdat de onzekerheid toeslaat. We worden geïrriteerd en ongeduldig. We zoeken wanhopig naar signalen die bevestigen dat we precies weten waar we zijn. We zien de informatie die ons zou kunnen helpen om de weg weer te vinden als bedreigend en de boodschappers van die informatie als onwillig of onkundig. Uiteindelijk faalt ook deze strategie en kunnen we niet langer ontkennen dat wij niet weten waar we zijn. Paniek slaat toe en wij hebben het gevoel dat we niet meer helder kunnen denken, dat elke actie of stap zinloos is en alleen maar meer uitputting en meer problemen veroorzaakt. Verward zoeken we naar elk signaal dat maar enigszins bekend is, een greintje bewijs van dat we niet verdwaald zijn. Maar we zijn het wel. Ook ik ben verdwaald stel ik vast, hoe confronterend ik dat ook vind. Ik wil graag impact hebben, zien dat mijn werk bijdraagt aan de doelen die ik belangrijk vind. Maar heb ik wel de invloed die ik wil hebben? Hoe vaak ben ik eigenlijk bereid om risico’s te nemen in het werk wat ik doe, echt nieuwe dingen uit te proberen en daarvan te leren? Of zit ook ik vast in mijn bekende aanpak en het verhaal wat ik mijzelf en anderen vertel over hoe systemen werken en hoe transformatie en verandering uitgenodigd kan worden?”

De landkaart als fictie

Het tweede voorbeeld van de landkaart als metafoor komt van de dichter Holub, onder veranderkundigen vooral bekend omdat Weick het aanhaalt in zijn belangrijkste boek Sensmaking in Organizations. De Tjechische dichter Miroslav Holub schrijft in zijn gedicht Korte Beschouwing over Kaarten over een verkenningsgroep Hongaarse soldaten die tijdens de oorlog verdwaalt in de Alpen. Terwijl ze voor het barre weer schuilen blijkt een van hen een kaart op zak te hebben. Met deze kaart vinden ze de weg terug naar hun kampement. Daar aangekomen bestudeert een officier de gebruikte kaart … en wat blijkt: het is een kaart van de Pyreneeën. Met de verkeerde kaart kun je blijkbaar ook de weg vinden.

“This incident raises the intriguing possibility that when you are lost, any old map will do.” (Weick, 1995, p54).

Volgens Weick is de functie van de landkaart dan ook vooral dat we in beweging komen, dat we aangezet worden tot handelen. Vervolgens zullen zeker (weer) fouten gemaakt worden, maar die kunnen via volgende observaties leiden tot nieuwe leerervaringen, andere interpretaties (van de kaart en de wereld) en beter/anders handelen.

“Strategic plans are a lot like maps. They animate and orient people. Once people begin to act (enactment), they generate tangible outcomes (cues) in some context (social), and this helps them discover (retrospect) what is occurring (ongoing), what needs to be explained (plausibility), and what should be done next (identity enhancement). Managers keep forgetting that it is what they do, not what they plan, that explains their success. They keep giving credit to the wrong thing — namely, the plan — and having made this error, they then spend more time planning and less time acting. They are astonished when more planning improves nothing.” [p.54-55]

Gaandeweg de weg vinden

Het eerste voorbeeld houdt vast aan het beeld dat er landkaarten zijn die de werkelijkheid goed weergeven — en dat er een juiste weg is, die te vinden is als men de signalen maar goed oppikt. Maar een landkaart valt niet samen met de werkelijkheid, het is altijd een abstractie/reductie van de werkelijkheid (en mede daarom heb je ook altijd een kompas nodig om je positie in de verhouding kaart-landschap te bepalen). Het tweede voorbeeld heeft geen probleem met verdwalen. Daar is geen juiste weg, maar juist meerdere wegen — en daar is dwalen de manier om de weg te vinden.

Bronnen:

  • Aalbers, L. (2013) Veranderen is ons vak … of niet? In: M&C, nr.4, p.38.
  • Miroslav Holub (2008) De geboorte van Sisyphus — een keuze uit de gedichten en ander teksten 1958-1998. Amsterdam: De Bezige Bij.
  • Weick, K.E. (1995) Sensemaking in Organizations. Thousand Oaks, CA: Sage.