Scenario’s voor het CJG

scenario_CJG

 

Het plaatje hierboven geeft vier mogelijke scenario’s voor de toekomstige organisatie van het CJG, op basis van twee aspecten:

  1. welke taken moet het CJG straks zelf uitvoeren (meer of minder)?
  2. hoe wil de gemeente het CJG – en indirect de jeugdzorg – aansturen (meer of minder direct)?

Aan alle scenario’s zitten voor- en nadelen. Ik ben benieuwd welke meningen daarover leven. Laat het weten!

 

Wat is verstandig?

Ralph Stacey onderscheid twee soorten rationaliteit: beredeneerd en verstandig.

  1. Rationaliteit als manier om tot besluiten te komen (feiten verzamelen, opties genereren en dan een keuze maken die maximaal voldoet aan de wensen/eisen/doelen). Rationaliteit is hier beredeneerd een keuze maken – en bijvoorbeeld niet op gevoel. Stacey noemt dit ’technische rationaliteit’.
  2. Rationaliteit als manier om verstandig te besluiten of handelen in een gegeven situatie. Rationeel is hier het tegenovergestelde van gek, absurd, gefantaseerd en extreem. Rationaliteit impliceert hier een test aan de werkelijkheid. Die werkelijkheid kan emotioneel of ideologisch zijn. Dit is de bredere opvatting van rationaliteit.

Continue reading

Het CJG van de Toekomst

Samen met Marian van Leeuwen van de JeugdZaak heb ik een notitie geschreven met de titel Het CJG van de Toekomstde gemeente als producent van vereenvoudiging. Het stuk begint met de constatering dat:

  1. de gemeenten (zoals het er nu naar uitziet) verantwoordelijk worden voor de uitvoering van de jeugdzorg;
  2. het CJG een belangrijke rol moet gaan vervullen binnen deze nieuwe jeugdzorg … maar dat de huidige CJG’s niet goed werken.

Via doelstellingen en inhoudelijke taken komen we uit op de organisatie die nodig is om dit allemaal te realiseren.

CJG van de Toekomst in de context van een gemeente

We geven geen definitieve antwoorden, maar stellen wel vraagtekens bij de huidige netwerkorganisatie. We geven een handvat om lokaal een goede (stevige?) discussie te voeren over de toekomstige organisatie, van de jeugdzorg en het CJG daarbinnen.

Klikken op het bovenstaande schema geeft een grotere versie (als voorproefje); met een klik op navolgende link komt u bij de notitie: Het CJG van de Toekomst – de gemeente als producent van vereenvoudiging

Vertrouwen of controle: wat is beter? (1)

 

Het spreekwoord gaat: vertrouwen is goed, controle is beter. In deze tijd met falende banken en frauderende woningcorporaties (etc.) is de neiging groot om meer en meer controlesystemen te bouwen. Is deze trend ook merkbaar in de maatschappelijke zorg? In eerste instantie zou je zeggen van niet, want de mantra is daar immers “minder regels en meer ruimte voor professionals”. De vraag is of dat echt zo is, of dat het alleen mooie woorden zijn? Continue reading

Consequenties van gemeentelijke regie in de zorg

De transitie van de AWBZ-begeleiding naar de Wmo zal gebeuren volgens de moderne ideologie van ‘De Kanteling’ en ‘Welzijn nieuwe stijl’ waarbij de integrale benadering van de cliëntvraag het uitgangspunt is. In het beste geval leveren we de administratieve procedures van het CIZ, Bureau Jeugdzorg en het Zorgkantoor in voor het democratische toezicht door de gemeenteraad. Toezicht op afstand en ruimte voor de professionele hulpverleners. Van de gemeenten wordt verwacht dat ze de regie neemt. Maar hoe gaan ze dat doen? Continue reading

De bricoleur van de jeugdzorg

De gemeente als de bricoleur van jeugdzorg.

Een bricoleur is iemand die aan bricolage doet. Bricolage is een vorm van improviserend ontwerpen: creatief gebruik maken van beschikbare materialen en instrumenten in het volbrengen van de taak waarvoor men zich gesteld ziet. Daarbij staat het gebruik van de materialen en instrumenten los van hun oorspronkelijke nut. Een voorbeeld is iemand die een eigen tractor maakt, waarbij hij de versnellingsbak van een oude vrachtwagen gebruikt, de voorwielen van een personenauto, het motorblok van een maaimachine, enzovoorts. Bricolage is pragmatisch en creatief, het gaat over het vinden van nieuwe mogelijkheden in oude dingen. Een ingenieur is het tegenovergestelde van een bricoleur, die werkt niet vanuit wat hij aantreft, maar vanuit een plan en zoekt daar de middelen en instrumenten bij. Continue reading

Risicofactoren dakloosheid

Bij het opruimen van mijn computer kwam ik bovenstaande plaatje tegen van risicofactoren van dakloosheid. Ooit gemaakt voor een opdracht, maar het heeft nooit het eindrapport gehaald.

Ik vind het nog steeds een aardig overzicht, omdat niet alleen de bekende risicofactoren er in zitten, zoals sociaal economische factoren en persoonlijke kenmerken. Ook de publieke opinie en politieke keuzes zijn een risicofactor, al dan niet aangewakkerd door beleefde overlast door de burgers. Deze factoren werken dan door via een beperking van de toegang tot sociale zekerheid, opvang en zorg.

 

Scenario’s OGGz toekomst

In de groep OGGz (Openbare Geestelijke Gezondheidszorg) op LinkedIn loopt een discussie over de toekomst van de OGGz (in 10 jaar perspectief). Uit deze discussie heb ik de volgende lijst van relevante ontwikkelingen voor de OGGz gedestilleerd:

Ontwikkelingen

Demografisch/epidemiologisch

  • vergrijzing
  • meer alleenstaande burgers
  • minder laag opgeleide burgers
  • multiculturele samenleving een gegeven
  • uitdovende heroïne epidemie
  • introductie DSM-V levert ‘nieuwe’ ziekten
  • tekorten op de arbeidsmarkt biedt kansen op werk voor OGGz-doelgroep

Sociaal Continue reading

Jeugdzorg verdelen

In de vorige twee berichten heb ik wat opmerkingen geplaatst bij het recente rapport van RMO over de jeugdzorg. Wat me vooral verbaasd is dat er keer op keer een nieuw idee voor de jeugdzorg gelanceerd wordt, zonder dat duidelijk gemaakt wordt waarom het deze keer wel zal gaan lukken.

Centraal in het advies van de RMO staat de eerstelijns gezinscoach. Dat is een generalist die vanuit het Centrum voor Jeugd en Gezin, de sociale wijkteams of de huisartsenpost werkt. De gezinscoach heeft vier taken: (1) gesprek aangaan (2) eigen kracht versterken (3) oplossen van vraagstukken in het gezin (4) indien nodig doorverwijzen. De eerstelijns gezinscoach is niet bedoeld als een zorgcoördinator, als een extra laag of extra schakel. De eerstelijns gezinscoach kan zelf, naar eigen inzicht, “doorpakken”. Voor de gezinscoach wordt de metafoor van “pedagogische huisarts” gebruikt. Continue reading

Noodzakelijke tegenbeweging?

De aanstaande decentralisaties, van de AWBZ-begeleiding en van de jeugdzorg, naar gemeenten zouden we – als we optimistisch zijn – kunnen zien als een noodzakelijke tegenbeweging. Een reactie op de te ver doorgevoerde specialisering (met verkokering, fragmentatie en bureaucratie als gevolg). Continue reading